Het correct verwerken van je studielening bij de belastingaangifte in 2025 houdt in dat je begrijpt dat directe aftrek van studiekosten en rente op de studielening vanaf 2022 niet meer mogelijk is. Deze lening, vaak verkregen via DUO om studiekosten te dekken, is een persoonlijke lening die weliswaar geen directe fiscale aftrek meer biedt, maar wel invloed heeft op je vermogen en hypotheek. We leggen op deze pagina uit welke gegevens je hiervoor bij de Belastingdienst invult, hoe je indirect belastingvoordeel kunt benutten, en welke stappen nodig zijn voor een correcte studielening belastingaangifte.
Een studielening is een persoonlijke lening die specifiek is bedoeld om de kosten van een studie te financieren, zoals collegegeld, studiematerialen, boeken en zelfs levensonderhoud. In Nederland wordt deze vaak verstrekt door DUO aan studenten die voltijd mbo, hbo of universitair onderwijs volgen, en het geleende bedrag kan maandelijks worden aangepast. Het is een rentedragende lening, wat betekent dat je over het geleende bedrag rente betaalt.
Naast de lening via DUO, die onderdeel is van de studiefinanciering, kunnen studenten in sommige gevallen ook een studielening aanvragen bij een bank of kredietverstrekker, bijvoorbeeld als de DUO-mogelijkheden niet toereikend zijn of als je niet aan de voorwaarden voldoet. Deze leningen bij commerciële partijen kunnen de vorm aannemen van een persoonlijke lening voor eenmalige, grote uitgaven of een doorlopend krediet voor jaarlijks terugkerende kosten zoals lesgeld, en hebben invloed op je financiële situatie, inclusief je latere studielening belastingaangifte.
Een studielening heeft indirect invloed op je belastingaangifte en een aanzienlijk effect op je vermogen, met name op je toekomstige financiële mogelijkheden. Hoewel de directe aftrek van studiekosten en rente op de studielening vanaf 2022 niet meer mogelijk is, wordt de lening als schuld meegeteld in Box 3 van de inkomstenbelasting. Schulden groter dan € 3.800 (voor alleenstaanden) of € 7.600 (voor fiscale partners) in 2025 kunnen in mindering worden gebracht op je bezittingen, waardoor je belastbaar vermogen lager uitvalt en je mogelijk minder vermogensbelasting betaalt als je boven de heffingsvrije grens van € 57.684 (vanaf 2025) komt.
De meest ingrijpende invloed op je vermogen op de lange termijn is echter de impact op je maximale hypotheeklening. Hypotheekverstrekkers zien een studieschuld als een financiële verplichting, wat betekent dat je vaak duizenden euro’s minder hypotheek kunt krijgen dan zonder studieschuld. De maandlasten van je studielening verlagen namelijk direct je leencapaciteit, mede door de rente op de studieschuld die vanaf 1 januari 2024 het maandlastpercentage verhoogt en zo de maximale hypotheek verlaagt. Extra aflossen op je studielening kan wel je maandlasten verlagen en daardoor, vanaf 2024, je leencapaciteit voor een hypotheek verhogen.
Bij de Belastingdienst vul je over je studielening voornamelijk de totale omvang van je studieschuld in, specifiek als onderdeel van je vermogen in Box 3. Hoewel directe aftrek van studiekosten of rente op je studielening niet meer mogelijk is sinds 2022, wordt de lening gezien als een schuld die je belastbaar vermogen kan verlagen als deze boven de drempelbedragen voor schulden uitkomt (in 2025: € 3.800 voor alleenstaanden of € 7.600 voor fiscale partners). Je hoeft dus geen studiekosten of rentelasten specifiek als aftrekpost op te geven tijdens je studielening belastingaangifte, maar het saldo van je schuld op 1 januari van het aangiftejaar is cruciaal.
Deze gegevens haal je idealiter direct uit je meest recente overzicht van DUO. Een belangrijk verschil met andere leningen is dat een studielening, ondanks de invloed op je financiële situatie en hypotheekmogelijkheden, niet wordt geregistreerd bij het BKR. Dit betekent dat de Belastingdienst deze schuld niet automatisch kent vanuit BKR-gegevens, waardoor het jouw verantwoordelijkheid is om het correcte schuldsaldo op te geven om zo eventueel vermogensvoordeel in Box 3 te benutten.
Hoewel de directe aftrek van studiekosten of rente op je studielening niet meer mogelijk is sinds 2022, kun je indirect belastingvoordeel behalen door je studieschuld correct op te geven in Box 3 van de inkomstenbelasting. Je studielening wordt door de Belastingdienst als schuld gezien en kan je belastbaar vermogen verlagen, mits de schuld hoger is dan de drempelbedragen voor schulden in 2025, namelijk € 3.800 voor alleenstaanden of € 7.600 voor fiscale partners. Dit betekent dat als je bezittingen (zoals spaargeld en beleggingen) boven de heffingsvrije grens van € 57.684 komen, een hogere studieschuld kan leiden tot een lagere grondslag voor de vermogensbelasting, waardoor je minder belasting betaalt. Aangezien studieschulden niet bij het BKR worden geregistreerd, is het jouw verantwoordelijkheid om het actuele schuldsaldo van DUO op 1 januari van het aangiftejaar nauwkeurig in te vullen bij je studielening belastingaangifte om dit potentiële voordeel te benutten en zo je algehele financiële plaatje optimaal te beheren.
Om je studielening correct te verwerken in je belastingaangifte, is het cruciaal om de juiste stappen te volgen bij het invullen van je inkomstenbelasting. Hoewel directe aftrek van studiekosten of rente sinds 2022 niet meer mogelijk is, kun je indirect fiscaal voordeel behalen door je schuld in Box 3 nauwkeurig op te geven.
Hieronder vind je het stappenplan voor een correcte studielening belastingaangifte:
Nee, je mag studiekosten niet meer direct aftrekken van de belasting als je een studielening hebt; deze mogelijkheid is vanaf 2022 komen te vervallen. Vóór die tijd bestond er een regeling voor de aftrek van studiekosten, maar deze is per 1 januari 2022 definitief gestopt. Het is een veelvoorkomende misvatting dat een studielening direct leidt tot aftrekposten voor gemaakte studiekosten in je studielening belastingaangifte. Sterker nog, zelfs in de periode vóór 2022 konden studenten met studiefinanciering of een studievoorschot vaak al geen gebruik maken van deze aftrekpost, omdat de regeling specifiek was bedoeld voor belastingplichtigen die de studiekosten uit eigen middelen betaalden en geen recht hadden op studiefinanciering. Dit betekent dat de financiële lasten van je opleiding, zoals collegegeld, boeken en materialen, ook al financier je ze met een lening, niet langer direct je inkomen verlagen voor de belasting.
Een studielening verlaagt je belastbaar vermogen in Box 3, wat invloed heeft op de vermogensbelasting die je eventueel betaalt. In Box 3, ook wel de categorie ‘Sparen en beleggen’ genoemd, worden je bezittingen zoals spaargeld, aandelen en een eventuele tweede woning opgeteld. De Belastingdienst beschouwt je studielening als een schuld die van het totaal van deze bezittingen mag worden afgetrokken, mits deze schuld boven een vastgesteld drempelbedrag uitkomt (€ 3.800 voor alleenstaanden of € 7.600 voor fiscale partners in 2025). Het netto resultaat van je bezittingen min je studieschuld bepaalt je daadwerkelijke Box 3 vermogen.
Dit betekent dat als je studieschuld hoog genoeg is, het je totale vermogen in Box 3 zodanig kan verlagen dat je onder de heffingsvrije grens van € 57.684 (vanaf 2025) komt, waardoor je mogelijk minder of zelfs helemaal geen vermogensbelasting betaalt. Het is daarom van belang om de totale omvang van je studieschuld correct op te geven bij je studielening belastingaangifte om dit potentiële fiscale voordeel te benutten en zo te zorgen voor een accurate weergave van je financiële situatie.
Vanaf 1 januari 2022 zijn de regels voor studiekostenaftrek in Nederland ingrijpend gewijzigd: de mogelijkheid om studiekosten en andere scholingsuitgaven direct af te trekken van de inkomstenbelasting is definitief komen te vervallen. Dit betekent dat bij je studielening belastingaangifte uitgaven zoals collegegeld, lesgeld, examengeld, verplichte leermiddelen, maar ook rente op je studieschuld, studiereizen, reis- en verblijfkosten, en kosten voor de inrichting van een werk- of studeerruimte, niet meer fiscaal aftrekbaar zijn.
Voor 2022 gold een andere regeling, waarbij particulieren onder strikte voorwaarden studiekosten konden aftrekken. Toen moest je de opleiding zelf betalen en mocht je geen studiefinanciering of studievoorschot ontvangen. Bovendien gold er een drempelbedrag van € 250, en was de maximale aftrek € 15.000 per jaar.
Nee, de rente op je studielening is helaas niet aftrekbaar bij je studielening belastingaangifte. Vanaf 2022 is de mogelijkheid om studiekosten en de rente op je studielening direct af te trekken namelijk komen te vervallen. Dit betekent dat de financiële lasten van de rente, die voor veel studenten aanzienlijk zijn en soms zelfs meer dan vijf keer zo hoog uitvallen dan eerder beloofd, niet kunnen worden verrekend met je inkomen voor de belasting. Het feit dat de ‘rente op studielening’ volgens veel berichten ‘nog steeds veel hoger dan beloofd’ blijft en studenten hierdoor ‘verder in schulden’ komen, maakt de afwezigheid van renteaftrek extra voelbaar in je financiële plaatje.
Als fiscale partners kun je de studielening, die als schuld meetelt in Box 3, strategisch verdelen voor de belastingaangifte. Hoewel studiekosten en rente op studieleningen vanaf 2022 niet meer direct aftrekbaar zijn, biedt het fiscaal partnerschap wel de mogelijkheid om bepaalde inkomensbestanddelen en aftrekposten onderling te verdelen. Dit betekent dat jullie de studieschuld – die jullie belastbaar vermogen kan verlagen wanneer deze boven de drempel van € 7.600 in 2025 uitkomt – in iedere gewenste verhouding aan een van jullie kunnen toerekenen. Door verschillende verdelingen uit te proberen, vinden fiscale partners het meest gunstige gezamenlijke belastingbedrag en kunnen zo fiscale voordelen behalen, met name op de grondslag sparen en beleggen.
Bij het aanvragen van een studielening is het belangrijk om te begrijpen welke opties er zijn en welke informatie je moet aanleveren. Hoewel de meeste studenten lenen via DUO, kunnen in specifieke gevallen studenten en volwassenen ook een studielening aanvragen bij een bank, kredietverstrekker of via het LevenLangLerenkrediet (LLLK). Voor elke aanvraag moet je persoonlijke en financiële gegevens invullen, zoals je leendoel, geboortedatum, woonsituatie, gezinssituatie, inkomsten en vaste lasten, zodat de verstrekker je leencapaciteit kan beoordelen. Het is cruciaal om het exact benodigde leenbedrag nauwkeurig te bepalen, gebaseerd op je studiekosten en levensonderhoud. Houd er rekening mee dat banken bij een aanvraag je inkomen uit bijvoorbeeld een bijbaan meewegen, maar studiefinanciering wordt vaak niet meegeteld, wat je leenmogelijkheden kan beperken. Voor volwassenen die een erkende opleiding volgen, biedt het LevenLangLerenkrediet van de overheid een gunstige optie voor het financieren van studiekosten.